Fietsen op Mallorca bij Fred Rompelberg van 1 tot en met 8 april 2018 met:

Cor Dekker (67) Wim Grim (59) John van Halderen (75) Friso ten Holt (70) Cees de Jong (63) Wijnand van Leenen (67) Anne de Poel (70) Henri Roelofs (49) Henk Spigt (63) Gerard Top (55) Anton Wetzel (62) Gemiddeld: 63,6. Organisatie & Leiding: Cor.

Fred Veer (70) heeft wegens een val met de fiets twee weken eerder helaas moeten afzeggen. Wijnand neemt zijn plek in.

door Anne de Poel

Majorca, eiland, het grootste der Balearische eilanden, Middelandsche Zee aan Spanje behoorend. De bodem is ongelijk, de Sillade Torellas verheft zich tot 1480 m. boven de zee, de dalen zijn dikwijls moerassig, de kusten zandig, de plantengroei is welig. Het klimaat is zacht en gezond. De voornaamste voortbrengselen zijn: wijn, vruchten, brandewijn, vlas en hennip.

Uit Spanje wordt ingevoerd: koren, ijzer en metaalwaren vooral uit Engeland, Frankrijk, en ook uit Spanje. Sedert 1874 heeft Majorca een veel vertakten spoorweg. De voornaamste plaatsen zijn: Palma, Llumajor en Pollenza; 230.000 inwoners.

Uit: Vivat’s Geïllustreerde Encyclopedie 1899 – 1900.

Aantal inwoners nu: 760.000. Dat van die ongelijke bodem hebben we geweten. Daarover in het verslag meer.  

Op zaterdag 31 maart – een dag voor Uur U – tapt Anton om vier uur in de middag sterke koffie op DOK. De Mallorcabende – 11 man – is compleet en we leveren in de kantine van het clubgebouw onze megabagage in, dat wil zeggen: helmen en schoenen, trappers en zadels, dingen die moeilijk in het handkoffertje gaan, dus stoppen we stoppen alles tezamen in drie grote hutkoffers. En de fietsen? Die staan gepoetst en gesmeerd op Mallorca ongeduldig te wachten.

Reisleider Cor steekt ons aan tafel een nieuwe vliegtuigstoelindeling onder de neus en levert er zelfs een fraai schetsje bij: hoe zit je eerst, hoe zit je in tweede instantie. Duidelijker kan niet. En waarom dit alles? Cor geeft zelf het antwoord: vliegvakantiemaatschappij TUI: Tegenstrijdige Ultieme Informatie. Ze doen daar maar wat, lijkt.

Met een ‘tot straks’ verlaten we om 16.30 uur het pand. Straks is vier uur in de ochtend als busje Hilverink ons respectievelijk in Den Helder, Julianadorp en ’t Zand komt oppikken. Vertrek vlucht OR623 staat gepland om 07.00 uur, een griezelig vroeg tijdstip, om niet te zeggen: midden in de nacht.

Aan de koffie thuis om acht uur ’s avonds rammelt de app van Cor: vlucht vertraagd. 07.00 uur wordt 08.25.
Is me dat even uitslapen. 1 april, denkt een dwaallicht, ze nemen 180 passagiers (m/v) bij de neus…Een kakofonie van apps is het gevolg want C. vraagt allen te reageren om een ‘ik heb het niet geweten’ te voorkomen. Onze vertrektijden hier (busje) passen we navenant aan. Gerard, die niet vanaf het begin in de Mallogroep zit maar later is aangeschoven, heeft een aparte vlucht (07.20 uur) en daar verandert niets aan. Bofferd. Hij laat zich brengen door lieftallige echtgenote Helga. Bijkomend jammer: hij slaapt in een ander hotel zodat vooraf inspecteren onze kamers (witte handschoentjes) niet gaat lukken.

 

Zondag 1 april, 1e paasdag                              Paspoort

Bij opstaan vertrektijd OR623 checken. Je weet het niet … Wat gebeurt? 09.25 uur! Wel heb ik jou. Weer een uur later. Geen stortvloed aan apps of ander gemurmel en voor de scheerbeurt kan nu meer tijd worden uitgetrokken. Henk vist mij om 05.15 uur op en we tuffen naar Veul. Het regent. Ook dat nog. In ’t Zand schuift de rest van de meute aan, de Stadsen zitten er al in. Op Schiphol biedt TUI ons voor € 4,95 een bak koffie aan. Ter bestrijding van stress en ander ongemak.
Om 09.00 uur aanvang slenteren (tien minuten) naar B35. Aan boord van de Boeing 737-800 is er geen rij 13. Daar kan ik me, uit turf gestoken nuchterling, weinig bij voorstellen, maar dat ze ook geen rij 17 hebben, dat begrijpt geen mens. Komt dat doordat dit geen TUI-toestel is, maar een kist van NEOS, een ons onbekende vliegmaatschappij? Zijn ze daar (nog) bijgeloviger? Naar verluidt zijn de TUI-kisten op en hebben ze deze uit Italië op de kop weten te tikken voor een ritje naar Palma de Mallorca.
NEOS? ‘Neos Air’ is een Italiaanse luchtvaartmaatschappij die in Milaan woont. Zij brengt je naar Zuid-Europa, de Canarische Eilanden, Afrika, het Rode Zeegebied, de Caraïben en Brazilië.

Om 09.50 uur benen los, het ruime luchtsop in (het regent) maar gelukkig zon op Mallorca om 11.50 uur. Ondanks onze handkoffertjes moeten we toch op de grote verhuiskisten wachten, maar als alles in een propvolle bus is ingeladen, slingert het gevaarte door Palma en Arenal op zoek naar hotel Ayronpark. De kar stopt ongeveer elke vijf meter op de stoep van een hotel en vóór (ons) Ayron zit Gerard geduldig en opgelucht op ons te wachten. Zo te zien heeft hij toch even de handen uit de mouwen gestoken want de balustrade en de trappen van het hotel blinken je tegemoet. Binnen ontstaat licht verwarring: Veer heet ineens Van Leenen en daar kan de Catalaanse bureaucratie niet zo goed tegen. Waar wij niet zo goed tegen kunnen: het afgeven van je paspoort. Dat mag niet van Oom Staat. Allemaal hebben we een kopie van het document bij de hand, BSN en de foto netjes doorgestreept zoals een consumentenprogramma onlangs adviseert, maar er helpt geen lieve moedertje aan: opdracht van de Policia Local, hier met dat ding en ze maakt zelf een ‘blote’ kopie. Cor nadert kookpunt, maar gelukkig volgt geen escalatie: mevrouw Balie blijft glimlachen.
De kamers en badkamers (ligbad!) zijn ruim en schoon, met een enorm terras incluis zitje en droogrek. Ze hebben een (extra) sofa, waar een verwarde voorbijganger of een andere zonderling plompverloren zou kunnen logeren. Vooralsnog gebruikt slaapmaatje Wijnand het als kofferplank en uitstalkast, ik neem de hang- en legkast. Een tv-toestel completeert. Henri en Anton denken beduidend anders over hun ‘hok’ want ze zitten in het schemerige souterrain. Uitzicht: een smalle spleet op de begane grond. Dat moet anders kunnen maar pogingen van Cor de locatie van de arme sloebers te verbeteren, falen.

Na verkleden (korte broek!): terras, bier en naar La Terraza alwaar op grote schermen Niki Terpstra ‘Vlaanderen’ wint. In het voorjaar, als kou, regen en wind nog regeren, is Terpstra in zijn element. Met de Noord-Hollander hebben we sinds ruim dertig jaar weer een winnaar in de Ronde van Vlaanderen. (1986 Van der Poel).
‘LaTerraza’ is een Nederlands fietscafé op tien minuten lopen. Eigenaar Nederlandse Frank heeft lang geleden een Spaanse mevrouw het hof gemaakt en is niet meer weggegaan. Hij runt de tent met haar en twee dochters vlotjes en wij liggen aan het voorspeen, want onze eigen Friso en Frank zijn al vier jaar bevriend. De vriendschap is helaas niet zo hecht dat er voor ons permanent het Happy Hourregime heerst. Dat kan beter, Ten Holt!

Binnen en buiten: fietsers en fietsen. Aan het plafond en aan alle wanden fietstruien en fietsprullen. Je voelt je er kortom thuis, een echte fietsbiotoop. De Doktrui hangt er nog niet (de trui van de clubkampioen van DOK-Toer, lieve kijkbuiskinderen, moet door een gediplomeerd naaister grondig onderhanden worden genomen) maar het barst er van de Nederlandse clubshirts en -tricots. Wie er ook rondloopt: Renate Groenewold, de oud-schaatsster en oud-schaatscoach, was ook lid van de DSB- Wielerploeg. Grootste succes 2004: wereldkampioen allround schaatsen.

 

WIELRENNEN – ‘Een kans krijg je maar een keer, dus zul je ‘m moeten grijpen’, dat zegt oud-schaatsster Renate Groenewold over de vraag van de internationale wielerkoepel UCI om het WK wielrennen in 2020 te organiseren in plaats van 2023. Ze heeft goede hoop op het binnenhalen van het WK wielrennen in Drenthe en Groningen. (Bron RTV Drenthe)

Na de finish fietsen halen, een stukje verderop in een apart fietsuitleencentrum. Je kunt het niet missen want half de stad is behangen met vlaggen, wimpels en ander reclamewerk van de heer Rompelberg, Grootfietsbezitter. Bovengronds is de administratie – een duizelingwekkend aantal papieren handelingen door vriendelijke dames ter verkrijging van een fiets stuks 1 van het merk Fuji C – A (Carbon <> Aluin) – ondergronds is in een grote kelder de daadwerkelijke overhandiging. Jij en je fiets moeten het deze week met elkaar zien te rooien. Plakkertjes met nummers (829) en frameafmetingen ontsieren het doffe of juist glimmende frame. Verder: een Rompelbergfietstrui, een paar sokken met FR268 erop gepunnikt, een kilometerkaart – om bij te houden hoeveel je per dag fietst – een zooi muntjes en een bidon.
FR268 duidt op het snelheidsrecord dat Rompelberg ooit op een fiets reed: 268 kilometer per uur! Echt waar? Echt waar.
We zijn om 18.10 uur terug aan boord (in het hotel) en gebruiken het diner om 19.00 uur. Een belangrijk moment is de overhandiging van 50 pietermannen per persoon aan thesaurier Grim.

Gerard zit in Playa Sol, een tweesterrenhotel op 500 meter. Fiets mag op kamer! Kijk, dat hebben wij nou weer niet. Zijn ontbijt daar is ook uitgebreid en het diner nuttigt de secretaris van het hoofdbestuur van DOK bij ons in Ayron. Voor de hapsnap is er een winkeltje aan de overkant van de straat. Bij hem, maar ook bij ons.

Onze eigen ORG. Cor

Later slenteren we naar Taurus, het hoofdkwartier van Rompelberg. De opperbevelhebber is nog niet gearriveerd, waardoor luitenant (letterlijk: plaatshouder) Jetze (schoonzoon) de honneurs waarneemt. Hij steekt een verhaal af omtrent inschrijven, de groepen en hun snelheden (je kunt wisselen) en lepelt andere details op. Bijvoorbeeld dat er op alle routes op 11 kilometer na vertrek een mechanikerpost is. Daar kun je de boel even laten afstellen zit je zadeltje toch te hoog of schakelt de fiets niet goed. Je kunt er ook van team wisselen. En dergelijke. Het is een beetje tam allemaal en we raken er niet erg opgewonden van. Moe geworden liggen we al om tien uur te kooi, televisie of niet. Op het kleurenscherm ook BVN (Beste van Nederland) en met een beetje geluk vind je het achtuurjournaal. Van het Nederlandse weer(bericht) liggen wij niet wakker.

Maandag 2 april, 2e paasdag                            Lothar

Na ontbijteieren zoeken (het is per slot Pasen) zitten we om 08.00 uur aan het ontbijt in een grote zaal. Wat opvalt is de aanwezigheid van een flink contingent Tsjechen. Niet alleen hier aan de eettafel, maar ook buiten waar ze wielerbusjes en –aanhangers, fietskarreen en personenauto’s met trekhaken hebben staan. In alle leeftijdscategorieën zijn er fietsers en fietsertjes van beiderlei kunne. Is het de Nationale Wielerselectie Alle Leeftijdsklassen die hier op trainingskamp is? Dat dit een prijzige geschiedenis is, moge duidelijk zijn. Het hele zwikkie moet immers per boot vanuit Barcelona over.

Wij gaan ook over. Diepen de fiets op uit de kelder van Ayron, zwaar achter slot en grendel. Er is daar ook een werkplaatsje, een wasbak met hogedrukspuit en een ‘tankstation’ voor zoete drinkwaren of gewoon water. Op naar commandocentrum Taurus. Aangenaam is het nog niet: arm- en beenstukken houden de meeste tocht tegen. In de kelder krijg je tegen inlevering van een rood muntje een banaan en een zoete koek, die bij het uitpakken kleefvingers oplevert. Boven buiten hangen aan het lange hek nummers. Wij hebben nummer 5, Gerard en Henri, in de Speedgroep, nummer 4. Die zullen we wel niet meer zien vandaag.

Je kunt bij Rompelberg acteren in vijf groepen:

  1. De Cappuccinogroep: voor beginners. (terraszoekers)
  2. De Funrustige groep: rustig, maar toch actief (Plauschgroep)
  3. Hobbygroep: meer uitdaging
  4. Toergroep: meer ambitie
  5. Speedgroep: s snel en uitdagend, conditiearbeid

Onze groep deze eerste dag is de Toergroep en we moeten ons melden bij bordje 5. De Speedgroep komt samen bij bordje 4.

De gids van 5 is Lothar, een 62-jarige Berlijner, een van de vele medewerkers. Onmiddellijk mompelt een snoodaard ‘Matthäus’ erachteraan. Lothar Matthäus is voormalig Duits voetballer en tegenwoordig coach en is in zijn actieve loopbaan bepaald niet populair bij de 16 miljoen toenmalige Nederlandse Voetbaldeskundigen. Duitser Lothar spreekt een aardig mondje Engels, mompelt soms iets in het Nederlands (doet zijn best) en babbelt een woordje Russisch. Daarover later meer.

De gidsen van Rompelberg – onder wie dus Lothar – hullen zich in een lichtroze trui en vallen daardoor goed op. L. stelt zich voor en poogt onze namen direct in zich op te nemen. Wel handig als je de rest van de week met elkaar optrekt. Hij is tot aan de val van de Muur officier in het Oost-Duitse leger (DDR) en zit van 1985 tot 1989 voor zijn werk in Moskou. Daar leert hij Russisch. Soms wisselen we een woordje, maar ik moet het afleggen. Hij werkt nog, is zelfstandige (met een partner) in de architectenwereld, maar niet zelf afgestudeerd architect, zoals onze eigen Friso. Die ook niet van de straat is: natuurschilder, exposant en neef van de beroemde Simeon ten Holt, Nederlands componist (1923 – 2012)

Ook in de groep twee sympathieke Ieren: Joe en David. Zij maken deel uit van een veel grotere groep Ierlanders, 42 in totaal, en ook verspreid over de diverse groepen. Allen zijn lid van de Innisfree Wheelers, een fietsclub met plm. 450 leden. Zo’n tien procent is hier. Kijk op de website mbv. Google.

Na vertrek heuvelt het licht stad uit. De permanence staat inderdaad elf kilometer na de start. We stoppen er, de fotografe van dienst schiet plaatjes en drie mannen van ons wisselen van team: ze zakken een graadje en nemen plaats in de zogenaamde Plauschgroep, een niveautje lager. Plauschen is babbelen, een babbelgroep met navenant tempo. Hoewel?  De HH. Spigt, Grim en Van Halderen zijn hier uitermate op hun plaats en ik berg en passant de mouwstukken op: aanvang blotemouwenweer / werken aan kleurenschema.

Bij 5 voegen nu twee Belgen in, vader en dochter Wendy. Ze ‘ontplauschen’. Wendy (39) schakelt slecht (‘bij ons is alles plat, ik hoef voor nooit te schakelen’). Goed en wel weer op pad en na het nemen van weer een rotonde mogen we ‘los’. Het tempo wordt opgevoerd, groep 5 ligt in de kortste keren geheel uiteen.  Lothar zwerft achterin om de tammere eendjes bij elkaar te houden. In Porreres wachten we op het groepje en na de eenwording karren we gezamenlijk door naar Felanitx (hoe spreek je dat in vredesnaam uit?) Op een lief, eenvoudig en pittoresk platanenbomenpleintje is het druk met fietsers en bestellen. Het duurt en vlotjes loopt het ook niet. Cor neemt actie en brengt een bezoek aan Eroski, een supermarkt aan de rand van het plein. Niet om erotisch te skiën of voor andere lichamelijke lenigheid, maar voor een brokje cake en een banaan voor de mannen. Mooi initiatief. In alle opwinding vergeten we koffie voor hem te bestellen als het dienstertje (al op leeftijd) langskomt. Kamervragen!

Over een ander parkoers dat ook licht heuvelt en daalt geraken we om 14.45 uur terug op de basis: hotel Taurus. We hebben 102 kilometer afgelegd, zijn niet onder de 30 in het uur geweest. Nou ja, soms even, klimmetje of zo. Forser klimwerk komt later deze week. Van het landschapsschoon en de fraaie natuur krijg je weinig mee, maar dat kan ook niet anders. Het is goed opletten, je fietst met onbekende mensen (en hoe goed doen ze dat) er zitten flinke gaten in het wegdek en niet alle automobilisten zijn, net als in het thuisland, aardig. Er wordt heel veel gefietst op Mallorca en je kunt je voorstellen dat er hier en daar wel eens gemopperd wordt op al die (soms onverantwoord optredende) snelheidsduivels op een fiets. Voor het echte natuursnuffelwerk annex -schoon moet je een andere vakantie boeken.

Het is heerlijk zitten op het terras aan het water (zwembad) bij Taurus, het klapwiekt er van de fietsers, gerstenat vloeit rijkelijk en er wordt een behoorlijke aanslag gepleegd op de goedgevulde beurs van kassier Wim. In de avond is er een (soort) conferentie door mevrouw Rompelberg (Tiny voor intimi) maar deze laten we aan ons voorbijgaan. Het zal warempel wel gaan (morgen) als ook eega Fred zijn gezicht zal laten zien. Ik wil hem per se spreken want de laatste handdruk was in 2003 (Maastricht-Den Helder) Op de boulevard – waar we even later een wandelingetje maken – probeert een Nederlandse Blondine ons het hof te maken door ons haar geheel Nederlandse Tent binnen te lokken. ‘Lekker eten, mannen’. Zuurkool zeker? Ze vindt het kennelijk vanzelfsprekend dat Nederlanders Nederlands willen, maar hier lopen de meningen uiteen. Niks mis natuurlijk met dat goeie ouwe Kaasland van ons, maar er zijn grenzen.

Dinsdag 3 april                                               Fred draaft op

Fris en bewolkt als je je neus buiten steekt. De radio rept van regen. Het zal toch niet? Eens een regenhater altijd een regenhater. Het wordt 11 tot 20 graden, meldt een of ander scherm, maar dat is nogal een ruime marge. En er staat 700 kilometer file; nee, niet hier maar in het koele Kikkerland. … Op het immense terras (was is droog!) kun je met een beetje improviseren makkelijk een halve marathon lopen (denk om de bochten) bijvoorbeeld om een beetje warm te worden. De (korte) ervaring heeft ons echter al geleerd dat je na een uurtje de armstukken wel in de achterzak kunt laten verdwijnen. De temperatuur rijst snel en de eerste vegen zonnecrème smeert men op de armpjes. Ik ben als gewoonlijk dat spul vergeten, maar kamermakker Wijnand niet. Ik lease een kloddertje.

Buiten duikt zoals eerder gemeld Fred zelf op. De veldheer (72) is nog maar twee dagen per week op het eiland, voornamelijk om op dinsdag de menigte een hart onder de riem te steken en zichzelf te laten vereeuwigen op de foto met letterlijk alle vertrekkende teams. Als ik hem attendeer op de Doktrui die Wijnand siert, slaat hij ons uitgebreid op de schouders: ‘DOK uit Den Helder. Maastricht-Den Helder’, hij heeft het allemaal nog glashelder, terwijl het al weer vijftien jaar geleden is dat we contact hadden. ‘Maastricht Den Helder’ was een monstertocht van 330 kilometer met start om middernacht in de Limburgse hoofdstad, finish op DOK. De toerafdeling organiseert dit evenement van 1992 tot en met 2003. De laatste drie edities (2001 – 2003) werken we samen met Fred. De allereerste Maastricht is in 1984, georganiseerd door de Helderse Henk Horsman en weekblad Nieuwe Revu. Daar is DOK ook al bij betrokken.

Vandaag zitten we in 5 met Wijnand, Anton, scribent, Cor en Cees en de twee Ieren. Lothar waarschuwt ons voor de klim naar Puigpunyent en algauw worden we verlost van het pelotonsregime. Eropaf dus, die berg op, maar in het begin is het op en neer, ongelijke bodem, kortom.

Na een afslag naar links is het van dik hout zaagt men planken (11%) en de groep ligt onmiddellijk uit elkaar. Grau 468 m. staat er daarboven op een in de berm geprikt bord. In Puig is het koffieapparaat stuk, maar na zo’n klim gaat een kop thee er heul goed in, kan ik je verzekeren. Dan volgt de klim naar Calvia, zo mogelijk nog zwaarder. Je hebt niet alleen je steilte, maar ook verkeer (het is per slot een werkdag) Aan de rechterkant van de middenstreep blijven en ver voor je kijken. We vallen het lieflijke C. binnen, zo’n dorpje in de prairie, zakken neer op een terras waar fietsers juist vertrekken en waar wij de beentjes kunnen ontkrampen. Oude bekende Wendy meldt zich uit een andere groep bij Lothar en vraagt of ze mee mag met die aardige Ollanders. Oude liefde roest niet en we stappen gezamenlijk op. Gezellie.

Langs de indrukwekkende boulevard te Palma waar flinke jachten liggen flink te doen, overgaand in boulevard El Arenal, karren we met een bloedgang richting huis. We flitsen met 30 in het uur door het drukke verkeer van verkeerslicht naar verkeerslicht. Levensgevaarlijk!  Remmen, optrekken, remmen.

Vlnr: schrijver, Cees, Lothar

Tip voor de ORG.: op zo’n stukje lichtkabbelend naar huis; klein verzetje, beetje om je heen kijken (je bent voor het eerst op Mallorca) niet harder dan twee- drieëntwintig. Het adagium in bebouwde kommen en dergelijke moet sowieso zijn: aangeknepen remmen. Je ziet op de boulevard ook fikse betonblokken, in lengte- en dwarsrichting en de gedachten dwalen af naar augustus 2017 als er een aanslag is op de Ramblas in Barcelona waar niet minder dan dertien doden vallen.

Om 15.45 uur arrivé te Taurus. ‘Groep Riet’ zit er al…John, Wim, Henk, Friso met hun fietsmaatjes (vooral deelnemers van het vrouwelijke geslacht…) uit de Plauschgroep. Een gewaardeerd lid van de groep Speed heeft de vier makkers tot Groep Riet gedoopt. Namen noemen doen we niet (H. Roelofs) Hij kan zijn borst wel nat maken: pek en veren! (Groep Riet is de langzame ploeg van RTV Toon Jacobs. Gemiddelde leeftijd: > 75, gemiddelde snelheid < 20. De kaart die we naar Fred (Veer) sturen krabbelen we vol met al onze namen. Ook de dame van het reisbureau krijgt wegens onvermoeide inzet voor zo’n stelletje een ansicht. Thuis uiltje knappen, aan de zwembadbar even bijtrekken met spageel en in de avond zien we Sevilla verliezen van Bayern München (1-2)

DOK (Gerard) aan het klimmen…

Woensdag 4 april                                Hiephiep hoera

Vandaag feestdag want Henk is jarig: 63 herfsten jong. Op woensdag fietst de firma Rompelberg niet, dus doen we het zelf. We zoeken met behulp van Strava/Garmin (of zoiets. Ik denk bij strava altijd aan strandvakantie) een mooie route naar Santa Maria del Cami, hoewel het eerste deel verstoord wordt door veel verkeer, we rijden op de randen van de autoweg en dat is niet prettig. Als we verderop rechts afbuigen wordt het een stuk rustiger, mooier en leuker maar ook hobbeliger tot een flinke klim aan toe. In het stadje negeren we (op twee moraalridders na) grof de borden ‘verboden in te rijden’ en om de hoek zit Celler Sa Sini, een gebakcafé met wel 40 soorten taart. Achter is de P voor fietsen geeft een groot bord aan. We gaan na het voorterras een soort whalegang in (gang over stuur- of bakboord op een schip) de kombuis door (keuken op een schip…) naar het halfdek (achterdek van een schip (terminologie van Anton) om plaats te nemen aan de bakstafel (tafel aan boord waaraan een ‘bak’ zit, een groep schepelingen – baksmaten – van hetzelfde dienstvak onder leiding van een baksmeester) Onze vaste baksmeester is – u raadt het al – kwartiermeester Anton.

Binnen – bij de kombuis bakboord uit (vrij naar Anton) het kabelgat door en dan beland je in de longroom al- waar een forse taarttsunami: 40 soorten! Reusachtige punten overheerlijk gebak. Moeilijk kiezen, maar ervan uitgaande dat alles lekker is, laat ik een aardbeientaartje aanrukken. Naar verluidt begint de (ook) Franssprekende eigenaresse ’s nachts al om drie uur taarten te bakken. Dat is nog eens liefde voor het vak. Op het halfdek serveert ze vervolgens koffie en al haar lekkernijen en dan is het tijd voor de plechtigheid: Henk wordt onder doodse stilte toegesproken door baksmeester Friso (Anton draagt tijdelijk het commando over) en hartelijk gefeliciteerd, mede namens de baksmaten. Het geschenk is een clownsbroek alias drollenvanger (de pijpen kunnen worden dichtgestrikt) en een fris Cyclesport T-shirt. Henk kan in rechte lijn door naar het strand. Hij wordt op de foto gezet (de meute ook) Tarara Boemdiejee en daarom zingen wij blij: ‘Er is er een jarig’.

Boven vlnr: Friso, Cor, Cees, Gerard, John, Wim, Henk. Onder vlnr: Henri, Anton, Wijnand, Anne. Locatie Santa Maria, halfdek taartenhuis.

Terug afwisselend dalinkjes en hellinkjes al naar gelang en doorkruisen pittoreske stadjes, dorpjes en nederzettingen als daar zijn Consell, Biniali, Algaida, Llucmajor. Lekker koersen zo met zijn allen, de windvechters op kop. Rond kwart voor drie al thuis – 71 kilometer op de teller – tijd om een vorkje spaghetti te lepelen bij Frank in zijn La Terraza. Het is er lekker warm en we werken de koolhydraten (morgen zware dag) op het zonnige terras achter de kiezen. ‘Welke burger heeft het?’ zegt de kwartiermeester. ’s Avonds trakteert Henk op een Spa P. (pils) Op kamer is er BVN op het scherm: Beste van Nederland met het achtuurjournaal van die dag. Zo blijf je op de hoogte met het wel en wee in Kikkerland.

 Donderdag 5 april                              Port de Sóller

Voor de zwaardere beklimmingen (categorie Alpe d’Huez, verkorte versie) vandaag melden zich in team 5: Cor, Henri, Anton en Anne. Onder Antons motto ‘welke burger heeft het?‘ willen we wel eens zien wie het sterkst is: wij of zij (de bergen) De Ieren zijn ook van de partij, vastberaden en zwaar gemotiveerd, dat zie je zo. Verder een stel Belgen, onder wie vrouwen. Gisteren aangekomen, vandaag direct de zwaarste dag te pakken.

Onze anderen gaan ook bergen bedwingen, maar op een iets lager niveau. Gerard zien we na de start niet terug: klimmen in een hoger tempo. In de Helders Courant gaat het over de coffeeshop al of niet aan de Zuidstraat (dit wil je hier allemaal niet weten) en Rob Scholte die een brief aan premier Rutte schrijft. John probeert zijn Digi-Volkskrant te openen, maar vermoedelijk is er achterstand in de betaling van zijn abonnement (zo’n fietsweek moet ergens van worden bekostigd) want het mislukt. Wat was het vroeger heerlijk op vakantie: drie weken geheel verstoken van zo’n beetje alles.

Net stad uit: LEK. Henri is de pineut. In de berm van het fietspad verwisselen we in hoog tempo het bandje. Op naar het westen nu, dwars door het gebergte aan de westkust van Mallorca.

De klim is een heel ernstige – 6 kilometer lang, snelheid 10 kilometer, 7 tot 11% (elke 100 meter verder zit je 11 meter hoger) ik snak naar windkracht negen tegen – maar boven héb je ook wat. In Port de Sóller eindigt de klauterpartij. Achter elkaar druppelen we binnen, de rug drijfnat van transpiratie.

Port de Sóller

We zitten er heerlijk op het flaneerhaventje aan de baai met uitzicht op zee en (dus) een vuurtorentje, op een van de talloze terrassen. Het is er aangenaam rustig: toeristen en autochtonen (mag ik dat zeggen? Ja, dat mag je zeggen) kuieren over het boulevardje, wij ontwijken het spoor(tje) waarover een toeristentreintje hakkepuft, zonder geluid overigens, een accuhakkepuf en zien dat het leven goed is.
De lunch is snel geserveerd, de zon brandt barmhartig, de crème doet haar werk maar kan niet voorkomen dat de neus begint te vervellen.

‘Iets lijkt altijd onmogelijk tot het is gedaan’. (Nelson Mandela)

Als je denkt dat je het gehad hebt (en dat denk ik) dorp uit, voor de tunnel linksaf volgt een haarspeldbochtenklim waar je U U tegen zegt. Niet van domme loempia’s! Ik start achteraan en vervolgens zitten Cor en ik in elkaars kielzog, om niet te zeggen: elkaar in de haren. Een haarspeld neem je aan de buitenkant, want de binnenkant is (nog) steiler. Daar gaat de smiecht me steeds voorbij. Het kost extra inspanning en op het rechte stukje daarna (ook steil) grijp ik hem weer bij de kladden. Ook een Belg zwoegt hijgend en kreunend in de buurt. Afdalen is de jus van klimmen, je wilt eigenlijk dat het nooit eindigt.

In Arenal zweven we heerlijk in vlak tempo over de boulevard naar huis. Een Arenalse urketuffer op een fiets doet ons massaal naar de remmen grijpen: een bijnabotsing en hier missen wij de fietsbel. Advies aan ORG.: schroef op elk stuur een sportief, hip en duidelijk klingelend belletje! Nu wordt er onbarmhartig geschreeuwd om de sufkloris terecht te wijzen en dat wil je als Nette Nederlander niet.

Om 15.00 uur staat de eerste Spa S. (San Miguel) voor de neus, op het zwembadterras. Onze anderen zijn in geen velden of wegen te bekennen, dus het flinke opscheppen over onze klimescapades hoort niemand. Dan nog maar een tweede glazen boterham. Na het diner bewegen we in de richting La Terraza, waar Cees ter verhoging van de feestvreugde én om de voedingstekorten aan te vullen ‘Hollandse Tapas’ (bultje bitterballen) regelt. De afzakker thuis aan de eigen toog wordt geschonken door een lange, donkere krullenbol, die een opvallende gelijkenis vertoont met Pierre van Hooydonck, een sympathieke ex-voetballer en huidig tv-commentator. Onze Pierre is ook sympathiek en een heel goede vakman.

Vrijdag 6, zonnig, maar fris.                            Ketting

Vandaag opnieuw op stap (fiets) met de Belgen, een Duits echtpaar completeert het klimmerspeloton. Om 10.00 uur vertrekt groep 5, uitgezwaaid door Jetze. Goed en wel op pad klinkt er een luide knal: Klapband. Wie is het haasje? Henri! Opnieuw. Niet mekkeren, toeval bestaat. Puntje van zorg: die buitenband. We beginnen om goed wakker te worden met een lichte klim, de plaspauze volgt al snel. We kriskrassen naar Llubi, veel anderen op een fiets hebben dat ook gedaan. De horeca aan het plein zit vol, maar er wordt ruimte gecreëerd, een kop Americano (koffie) doet een euro. Kom daar maar eens om. Belgen, Duitsers, Ieren, Nederlanders en lokalen mixen en matchen. Daar kan de EU een puntje aan zuigen.

In Sineu heb je een wielerbaan en of de duvel ermee speelt, we pauzeren er. Er staan meerdere groepjes voor het open hek, voornamelijk te koekeloeren. Een enkeling, onder wie uw schrijver, waagt zich op de baan. Heb je die kans, moet je ‘m pakken ook. Na dit korte intermezzo worden Anton en Henri door Lothar aan het hoofd van de troepen geplaatst en hup daar gaan we alweer omhoog. Een end verder begint de fiets van Cor ongenadig te kraken bij het schakelen met als resultaat dat de ketting niet meer op het grote blad wil, juist op een moment dat we langs de autoweg naar beneden stuiven en van Lothar de vrije hand hebben. Ook een stop met ingewikkeld kijken naar het euvel helpt geen ene jota. Doordat het traject vals plat naar beneden loopt, maakt C. circa tien keer zo veel omwentelingen als een gewone sterveling.

Vlnr: Wijnand, John. Rechts: Henk, 4e van rechts Friso

Eenmaal terug aan boord (14.35 uur) hebben we er 95 kilometer opzitten. Cor brengt zijn fiets naar de reparateur, wij passen intussen op zijn glaasje drinken, maar dat duurt … zie verder …. We melden ons binnen – want fris en geen zon – waar het overvol is. We zoeken een plekje verderop. Er zit een mannetje (m/v) of tig en het dienstertje – het arme schaap is in haar eentje – doet met een vriendelijke glimlach haar uiterste best, maar waar Van Halderen/Ten Holt/Van Leenen cs. al hevig in spageel zitten te happen, zit groep 5 uit te drogen, leren lap in de mond.

Wenselijke situatie: bij binnenkomst na een stukje fietsen zijgt het aangetaste achterwerk neer in een zacht zijden zitje met in dezelfde seconde een glas ‘overheerlijk spul’ voor de neus. Maar ja.

‘Als je zo’n drie, vier uur weg bent, mag je tussendoor natuurlijk wel een mooi terrasje uitzoeken. Een kop koffie na een uurtje of anderhalf. En bestel geen vlaai, dat is een fout die veel mensen maken, maar zo’n stukje stelt bijna niks voor. Nee, de appeltaart is heilig. Uitstekend krachtvoer tijdens het fietsen. Je kunt de koffiepauze ook overslaan. Dan mag je namelijk eindigen in de kroeg, vind ik. Ik drink ook graag een biertje na het fietsen’. Laurens ten Dam (37) in de Volkskrant van 14 april over trainen voor toerfietsers met het oog op de toerversie van de Amstel Gold. We verkeren in goed gezelschap …

De gids van 4 (groep Wijnand, Cees, Henk etc.) stelt een ritje voor op zaterdag. Rompelberg fietst niet op die dag, maar omdat we er nou toch zijn… Kosten 5 euro, aanmelden bij gids Jurjen, ook al in zo’n lilatrui gestoken. Van inschrijven nu (Henri, Anton en ik) komt niets terecht omdat we het vorstelijk vocht van Cor geen seconde uit het oog kunnen verliezen, maar in de wandelgangen blijkt dat je gewoon kunt aansluiten morgenochtend. Goed plan, op tijd naar bed.

In de avond is er afscheid. In een bloedhete zaal in Taurus waar je alleen maar kunt staan (er staan stoelen aan de zijkanten, maar het is niet de bedoeling dat je erop gaat zitten, terwijl veel beentjes dat heel graag zouden willen) verzamelt men. Bij de ingang is er voor ieder een glaasje drinken: champagne, of ander prikkelspul, jus d’orange en nog zo wat, doch geen Pils (puntje voor de ORG.)

Jetze is ceremoniemeester. Hij kan amper de roezemoezende menigte tot stilte krijgen ook al gebruikt hij een microfoon. Feit is dat veel fietsers (te) veel kletsen, onderweg, maar hier dus ook. Het is de bedoeling dat we foto’s te zien krijgen (dat krijgen we ook) maar lang niet alle natuurlijk. Anders zou dat staan nog meer problemen gaan opleveren. De immer vrolijke Ieren hebben een folkloristisch showtje ingestudeerd en hup daar gaan de – al wat oudere – beentjes vrolijk zingend van de vloer. Sommige toeschouwers worden volautomatisch ingehaakt en dreigen te worden meegesleurd in de feestcarrousel en polonaise. Menigeen deinst verschrikt achteruit, zo niet de beste danser van het noordelijk halfrond en omstreken: W. van Leenen. Daar zijn bewegende beelden van. Kijkwijzer: 18+.

Dan volgt de huldiging van de kilometervreters. Een ons onbekende mevrouw en meneer krijgen de versierselen omgehangen en baden daarna in applaus van de (staande) zaal. Die gaan vanavond de platte kar op voor een rondje dorp. Ik ben dan al afgehaakt, de hitte is niet te harden. Aan de bar laten we ons een heerlijk vaasje voorzetten, maar op een been kun je niet lopen, dus frequenteren we onze eigen bar in Ayron voor de noodzakelijke tweede (voor het evenwicht)

Zaterdag 7 april                                    Klooster

Het heeft geregend afgelopen nacht. Geen onvoorstelbaar grote hoeveelheden, maar voor ‘fietsers die regen haten tijdens’ is dit toch een maagdraaipunt. De wind waait behoorlijk en het is fris, maar het is nog vroeg want we gaan pas om tien uur op pad. Dan geeft gids Jur (uit Purmerend) het commando ‘klik in’. Zelf gaat ie op kop, naast zijn echtgenote. Dat mens fietst (ook) prima! Wie verder? Belgen. Onze Cees en John gaan een Ontspannen Rondje Boulevard doen en Gerard en Henri vullen een eigen programma in. Zie onder.

De klim naar Randa is nog net op het grote mes te doen. Op de driesprong in het lieflijke stadje verzamelen we voor de serieuze klim rechtsaf. Dag grote molen. Direct daarna is het dikke planken zagen. Je zit je kapot te puffen en er lijkt geen einde aan te komen. Als je denkt dat je er bent – de steile en bochtige klim is zeker zes kilometer en elf procent, verzet(je) van 34 x 32 – en je je in de berm laat vallen, is er nog zeker tweehonderd meter steil te gaan. En dat is ver in Bergland. Dan heb je echter ook wat: een schitterend uitzicht over bijna geheel Mallorca, meldt de folder. Maar nu even niet, want het is heiig. Goed zichtbaar gelukkig is het klooster: het Sanctuary de la Mare de Déu de Cura op 543 meter. Het is een pelgrimsoord sinds Ramen Llull (vier ellen, een u) het eerste klooster van Mallorca sticht. We hebben minstens twee kloosters gemist onderweg: Oratori de Nostra Senyora de Gràcia, op het randje van de klif, en iets verder Santuari de Sant Honorat. Dat heb je met dat bergop fietsen. Volgend keer beter.

Vlnr: Wim, Friso, Cor, Wijnand, Anne, Henk, Anton

Je komt ‘ons’ klooster binnen door een Mallorcaanse poort uit 1682 (achter de fietsers) Het klooster zelf is bewoond en niet toegankelijk. Op het terras, waar meer fietsers zitten uit te zweten van deze fraaie klim, is het heerlijk zitten, maar na een twintig minuten (vlotte bediening) roept de plicht: naar beneden! Langs dezelfde weg. Zo’n afdaling is veel korter dan de klim. Kunnen de psychologen dat eens uitleggen? En dan bij voorkeur eentje uit de Vakgroep Fietsologie, Leerstoel Afdalingen.

De terugweg leidt langs het lieflijke, kleine Algaida, een naam die nare associaties oproept, maar we dienen de naam uit te spreken met een harde G en dat vergoedt alles. Het telt een dikke vierduizend inwoners, iets minder dan ons Julianadorp, maar veel meer dan ‘ons’ Abbestede cq. het pittoreske Anna Paulowna. Het ligt op een hoogte van 201 meter. Makkie. Bij de balie nog steeds geen info over de terugreis. Morgenavond vliegen om 19.45 uur en we willen graag weten hoe laat de TUI-bus voorrijdt. Cor nadert het kookpunt.

De tocht van Gerard en Henri van zaterdag leidt naar de andere kant van het eiland. Op de heenweg 50 kilometer tegenwind, terug ‘binnendoor’. Een fantastische rit met hoge snelheden vanaf Santa Maria, maar een lekker biertje en een salade ter afsluiting bij Le Terraza.

John heeft een ochtendreis geboekt en ook Gerard vliegt ‘afwijkend’. TUI schittert wel meer door onduidelijkheden, worden we van Cor gewaar. Hij belt, sms’t en appt dat het een aard heeft, maar de MIJ. is oorverdovend stil. Om gek van te worden.

Route van Henri en Gerard op zaterdag >

Thuis bier, douche, fiets retour brengen en 20 euro borg incasseren. Fiets retour brengen, het staat er plompverloren, maar het is een gebeurtenis van heb ik jou daar. Zakdoeken. Met nummer 829 is een niet te beschrijven band (ik en 829!) ontstaan en de gedachte dat er vanaf morgen (morgen!) een ander heerschap (m/v) op dat zadel (mijn zadel) gaat zitten, is niet te harden. Eenzelfde soort gevoel ontstaat vorig jaar in de Algarve als we de Gieand moeten inleveren. Weken overstuur, contact met Korrelatie, en de oude Batavia thuis amper onder ogen durven komen, omdat je toch het idee hebt vreemd te zijn gegaan … Eenmaal thuis staat Batavia met de rug naar me toe, op het plankier onder haar lijken een paar druppels slecht opgedroogd …

De berg fietspapieren is er deze week niet lager op geworden en de karretjes van Cor en Wijnand zijn er nog niet. Nog moeilijker afscheidnemen? De fietsen van beiden zitten in Ayron aan één slot en Cor is te voet op zoek naar een TUI-kantoor. Dat kost een klein halfuur en het ergste is: geen resultaat: TUI is dicht!
We dineren thuis en wandelen tegen half acht naar La Terraza om daar naar … Nederlands voetbal te gaan zitten kijken. Veel gekker moet het niet worden. AZ staat tegen PSV riant op voorsprong (2-0) maar toch geven de kaaskoppers de bal uit handen: het wordt 2-3. Voor morgen reserveert Friso bij Terrazavriend Frank een stoel of negen voor de buis om naar Parijs-Roubaix te kunnen kijken. Terpstra? Of toch weer Sagan? Van Avermaet? Dat het vol wordt in de gezellige fietskroeg, is duidelijk.

Zondag 8 april                                    Roubaix

Slecht geslapen. Een 8, een 2 en een 9 verstoren gaandeweg de hele nacht … ik raak ze niet kwijt.

Helders Weer! Wind! We ontbijten laat, want geen fietsen vandaag, maar op hûûs an. Wat doe je zo’n hele dag? De bus komt pas om 17.00 uur weten we nu en dan redden we waarschijnlijk net niet de finish van Parijs-Roubaix. John appt: ‘Goede reis’, Hij heeft Ayron al verlaten. Onze koffers stoppen we in een speciale bergruimte achter slot, want om 11.00 uur moeten de kamers leeg opgeleverd worden.

Het stormt bekant op de boulevard en wat doe je als je niet fietst? Wandelschoenen aan en naar de zee waar de grote golven zichzelf onstuimig op het korte, stenige strand kapotslaan. Zondag of niet, de winkeltjes met kraaltjes en spiegeltjes – maar niet alleen die – lijken allemaal open en dus wordt het tijd voor koffie bij … La Terraza, onze plaatselijke staminee. Na een ‘Tot Straks’ gebruiken we ‘thuis’ de lunch en melden ons daarna weer om onze gereserveerde plekken in te nemen. Laat de Koers maar komen. De finish moeten Sagan cs. zonder ons want het TUI-vehikel verschijnt om 16.50 uur op de stoep en dan dienen we geknipt en geschoren klaar te staan voor de korte reis naar het vliegveld. Sagan, de wereldkampioen, wordt eerste, maar dat zien we dus net niet.

De felblauwe kist van TUI vertrekt precies op tijd: 19.45 uur, kiest een hoogte van 10,4 kilometer, het grote mes levert 850 kilometer aan snelheid op en het is langebroekenweer: min 50. De krijsbaby van dienst zit ergens voorin, zodat we er weinig last van hebben. Voet op bodem Schiphol exact twee uur later. We staan even op elkaar te wachten: de Hilverinkchauffeur buiten, wij binnen maar om 23.30 uur naderen we dan toch na Anton en Friso in ’t Zand met een handdruk te hebben uitgezwaaid, de gemeentegrenzen van het goede oude Den Helder.

Het Hobbyteam heeft volgens een driftig tellende G. Armin 546 kilometer afgelegd, 5362 meters geklommen, haar maxhoogte is 498 meter, het stijgingspercentage max. = 11. Dank daarvoor, Armin.

Anne 19-04-2018.